Dit gebeurde er tijdens de derde verschijning van Onze Lieve Vrouw in Fatima

Dit gebeurde er tijdens de derde verschijning van Onze Lieve Vrouw in Fatima

Op 13 mei 1917 verscheen Onze Lieve Vrouw voor het eerst aan de drie herdertjes in Fatima. Wat zei zij? Wat gebeurde er? De volgende tekst komt uit onze vertaling en uitgave van het boek Fatima: Geschiedenis of toekomst? Dit gerenommeerde boek gaat over de verschijningen van Onze Lieve Vrouw in Fatima aan drie herderskinderen, in 1917. Het geeft een uitgebreide beschrijving van al de verschijningen en latere gebeurtenissen, aan de hand van de persoonlijke herinneringen van de heilige Lucia, Jacinta en Francisco, andere aanwezige getuigen, en relevante documentatie. Het boek is een oproep aan iedereen, van hoop, geloof, en de noodzaak van bekering.

Lees ook: Dit gebeurde er tijdens de eerste verschijning van Onze Lieve Vrouw in Fatima

Lees ook: Dit gebeurde er tijdens de tweede verschijning van Onze Lieve Vrouw in Fatima

Meneer Marto, de vader van Jacinta en Francisco, zegt dat toen de derde verschijning begon, er een kleine grijzige wolk boven de steeneik zweefde, het zonlicht minder werd en er een koel briesje over de bergrug waaide, ook al was het toen hoogzomer. Hij hoorde ook iets dat klonk als vliegen in een lege kruik. De zieners zagen de weerkaatsing van het gebruikelijke licht en direct daarna, Onze Lieve Vrouw boven de steeneik.

Lucia: Wat wenst Uwe Genade van mij?

Onze Lieve Vrouw: Ik wil dat je hier op de dertiende van de volgende maand komt en elke dag het rozenhoedje blijft bidden ter ere van Onze Lieve Vrouw van de Rozenkrans, om zo vrede te verkrijgen voor de wereld en het einde van de oorlog, want alleen zij kan van enig nut zijn.

Lucia: Ik zou u willen vragen ons te vertellen wie u bent en een wonder te verrichten zodat iedereen zal geloven dat Uwe Genade aan ons verschijnt.

Onze Lieve Vrouw: Blijf hier elke maand komen. In oktober zal ik je vertellen wie ik ben en wat ik wens en ik zal een wonder verrichten dat iedereen zal zien om te geloven. [1]

Lucia deed toen een aantal verzoeken voor bekeringen, genezingen en andere genaden. Onze Lieve Vrouw reageerde steeds met het aanbevelen van het bidden van de rozenkrans, zodat ze die genaden in de loop van het jaar zouden verkrijgen. [2]

Daarna vervolgde ze: “Offer uzelf op voor de zondaars en zeg vaak, vooral als u een offer brengt: ‘O Jezus, dit is uit liefde voor U, voor de bekering van de zondaars, en tot eerherstel voor de zonden die begaan zijn tegen het Onbevlekt Hart van Maria.’”

Cova Iria Aparicion 07

Een andere zieke had gevraagd binnenkort naar de hemel te worden gebracht. Onze Lieve Vrouw zei dat die persoon geen haast moest hebben, want ze wist heel goed wanneer ze haar moest komen halen (De Marchi, p. 91).

Op pagina 86 van zijn boek zegt Walsh dat Jacinta haar ouders vertelde over de wens van Onze Lieve Vrouw dat elk gezin dagelijks de rozenkrans bidt. Maar de enige verwijzing in de verslagen van de verschijningen naar die vrome praktijk is de raadgeving aan de zoon van Maria Carreira.

Het eerste deel van het Geheim: het visioen van de hel

“Toen ze deze laatste woorden zei,” schrijft zuster Lucia, “opende ze opnieuw haar handen zoals ze dat in de twee voorgaande maanden had gedaan. Het stralende licht [dat uit hen stroomde] leek de aarde te doordringen en we zagen als het ware een grote vuurzee: ondergedompeld in dat vuur waren demonen en zielen in menselijke vormen, die leken op roodgloeiende, zwarte en bronskleurige sintels die door het vuur zweefden, gedragen door de vlammen die met rookwolken uit hen kwamen en die overal terecht kwamen zoals de vonkenregens van grote vlammen - zonder gewicht of evenwicht – te midden van kreten en gekreun van verdriet en wanhoop die ons doodsangst aanjoegen en ons deden rillen van angst. De duivels vielen op als angstaanjagende en onbekende dieren met afschuwelijke en walgelijke vormen, maar doorzichtig zoals zwarte kolen die roodgloeiend zijn geworden.”

Het visioen duurde slechts een moment, waarin Lucia een zucht slaakte. Ze merkt op dat als Onze Lieve Vrouw niet beloofd had hen naar de hemel te brengen, de zieners van angst en schrik zouden zijn gestorven.

Vision del Infierno

Het tweede deel van het Geheim: de waarschuwing voor de kastijding en de manieren om die te vermijden

Bang en als om hulp smekend, richtten de zieners hun ogen op Onze Lieve Vrouw, die vriendelijk en verdrietig zei:

“Je hebt de hel gezien, waar de zielen van de arme zondaars naartoe gaan. Om hen te redden wil God de devotie tot mijn Onbevlekt Hart in de wereld tot stand brengen.

“Als ze doen wat ik je zeg, zullen veel zielen gered worden en zal er vrede zijn.

“De oorlog zal eindigen, maar als ze niet ophouden God te beledigen, zal een andere, nog ergere oorlog beginnen in de regering van Pius XI. [3] Wanneer je een nacht door een onbekend licht verlicht ziet worden, weet dan dat dit het grote teken is van de honger en van de vervolgingen van de Kerk en de Heilige Vader door middel van oorlog.

“Om die [de oorlog] te voorkomen, zal ik komen vragen om de toewijding van Rusland aan mijn Onbevlekt Hart en om de Communie tot eerherstel op de eerste zaterdagen. Als ze naar mijn verzoeken luisteren, zal Rusland zich bekeren en zal er vrede zijn; zo niet, dan zal dat zijn dwalingen over de hele wereld verspreiden en oorlogen en vervolgingen van de Kerk bevorderen. De goeden zullen tot martelaars worden gemaakt; de Heilige Vader zal veel te lijden krijgen en vele naties zullen worden vernietigd.

“Uiteindelijk zal mijn Onbevlekt Hart zegevieren. De Heilige Vader zal Rusland aan mij toewijden; het zal zich bekeren en de wereld zal een zekere periode van vrede worden gegund.

“In Portugal zal het dogma van het geloof altijd bewaard blijven, etc.

“Vertel dit aan niemand. Je mag het Francisco echter wel vertellen.”

Fatima1

Derde deel van het Geheim: profetisch visioen van een dreigende kastijding, een immense catastrofe en een grote terugkeer van de zielen naar God

“J.M.J.

“Het derde deel van het geheim onthuld op 13 juli 1917 in de Cova da Iria - Fatima.

“Ik schrijf in gehoorzaamheid aan U, mijn God, die mij beveelt door Zijne Excellentie de bisschop van Leiria en door Uw Heilige Moeder en de mijne.”

Eerste scène

De dreiging van kastijding die boven de hele wereld hangt...

Na de twee delen die ik al heb uitgelegd, links van Onze Lieve Vrouw en enigszins daarboven, zagen we een engel met een vlammend zwaard in zijn linkerhand; bliksemend schoten er vlammen uit die eruit zagen alsof ze de wereld in brand zouden steken; maar ze doofden in contact met de glans die Onze Lieve Vrouw vanuit haar rechterhand naar hem uitstraalde:

Met zijn rechterhand naar de aarde wijzend, riep de engel met luide stem: 'Boete, Boete, Boete!'

Tweede tafereel

Een angstaanjagende catastrofe die de wereld voor de helft in puin legt en waarin in het begin een religieuze vervolging wordt ontketend die alle sociale categorieën tot slachtoffer maakt, met inbegrip van en bovenal een paus.

En we zagen in een immens licht dat God is: ‘iets wat lijkt op hoe mensen in een spiegel verschijnen als ze erlangs gaan’ een bisschop in het wit ‘we hadden de indruk dat het de Heilige Vader was’. Andere bisschoppen, priesters, religieuze mannen en vrouwen die een steile berg op gingen, met op de top een groot kruis van ruw uitgehouwen stammen als van een kurkboom met bast; voordat hij daar aankwam, trok de Heilige Vader door een grote stad die half in puin lag en half beefde, met onvaste stap, gekweld door pijn en verdriet, bad hij voor de zielen van hen langs wier lijken hij kwam; nadat hij de top van de berg had bereikt, werd hij op zijn knieën aan de voet van het grote kruis gedood door een groep soldaten die kogels en pijlen op hem afvuurden, en op dezelfde manier stierven daar de een na de ander, bisschoppen, priesters, religieuze mannen en vrouwen, en verschillende leken van verschillende rangen en standen.

Derde scène

De Grote Terugkeer van de mensheid naar God

“Onder de twee armen van het kruis stonden zich twee engelen elk met een kristallen aspersorium in de hand, waarin ze het bloed van de martelaren verzamelden en daarmee de zielen besprenkelden die op weg waren naar God [4] Tuy 3-1-1944.”

3 secreto vision

Het laatste deel van de derde verschijning

Na enkele momenten van het visioen dat het derde deel van het Geheim vormt, zegt Onze Lieve Vrouw:

Als je de rozenkrans bidt, zeg dan na elk tientje: “O, mijn Jezus, vergeef ons, red ons van het vuur van de hel; leid alle zielen naar de hemel, vooral degenen die dit het hardste nodig hebben.” [5]

Lucia: Wenst Uwe Majesteit nog iets anders van mij?

Onze Lieve Vrouw: Nee, vandaag wens ik niets anders van je.

“Zoals gewoonlijk begon ze toen op te stijgen naar het oosten, tot ze verdween in de onmetelijke uitgestrektheid van het firmament.”

Op dat moment klonk er een geluid als donder, dat aangaf dat de verschijning was geëindigd. [6]

Bestel Fatima boek

[1] Herinneringen II, p. 130, en Herinneringen IV, pp. 334, 336, 400; DeMarchi, pp. 76-78; Walsh, pp. 65-66; Ayres da Fonseca, pp. 34-36; Galamba de Oliveira, p. 70.

[2] De genoemde auteurs geven enkele details van de verzoeken die Lucia tijdens deze verschijning heeft gedaan. Een van de verzoeken was de genezing van de kreupele zoon van Maria Carreira. Onze Lieve Vrouw antwoordde dat ze hem niet zou genezen en hem ook niet van zijn armoede verlossen, maar ze zei dat ze hem de middelen zou geven om de kost te verdienen, als hij elke dag met zijn gezin het rozenhoedje zou bidden (De Marchi, p. 91; Ayres da Fonseca, p. 42)

[3] In de verklaringen die zij in februari 1946 bij de Nederlandse pater-montfortaan Jongen aflegde, bevestigde zuster Lucia dat ze Onze Lieve Vrouw de naam Pius XI had horen noemen, maar op dat moment wist ze niet of Onze Lieve Vrouw een paus of een koning bedoelde. Het feit dat de oorlog meestal wordt opgevat als pas begonnen tijdens de regering van paus Pius XII, vormde voor zuster Lucia geen groot probleem. Ze merkt op dat de annexatie van Oostenrijk door Duitsland - en we kunnen daar nog verschillende andere politieke gebeurtenissen aan toevoegen aan het einde van het bewind van paus Pius XI – die de voorbereidende stadia waren van de grote brand die enige tijd later volledig zou uitbreken (De Marchi, p. 309).

[4] Omwille van de consistentie hebben we de officiële Vaticaanse tekst gebruikt bij het gebruik van de woorden ‘aspersorium’ en ‘besprenkeld’. Echter zuster Lucia’s originele Portugees is veel schilderachtiger en kleurrijker. Letterlijk vertaald zouden de twee woorden luiden: ‘gieter’ en ‘besproeid’ of zelfs ‘natgespoten’!

[5] Enigszins verschillende versies van dit gebed zijn in omloop. Zelfs in de manuscripten en de interviews van zuster Lucia komen kleine variaties voor. De versie die wij citeren staat in Herinneringen IV, pp. 340 en 342, en werd door de zieneres bevestigd in een interview met Walsh (p. 197). In antwoord op een vraag van dr. Goulven schreef zuster Lucia echter de laatste zin in de volgende bewoording: “en help vooral degenen die dit het hardste nodig hebben” (Reis, A Vidente de Fátima dialoga e responde pelas Aparições, p. 39). Deze laatste formulering is degene die het verst verwijderd is van de andere, maar ook degene waarop de zieneres het minst aandringt, aangezien deze slechts in één document wordt genoemd. Bovendien is niet bekend of kanunnik Sebastião Martins dos Reis het rechtstreeks uit het manuscript heeft getranscribeerd of uit een van de getypte exemplaren toen hij het in zijn werk opnam. In de laatste hypothese zou het interessant zijn om het manuscript te vergelijken met het getypte exemplaar van het geciteerde verhoor om er zeker van te zijn dat er geen fout is gemaakt tijdens de transcriptie.

De zieners hebben toen ze dit gebed uitspraken dit zeker begrepen als van toepassing op de zielen die in het grootste gevaar van verdoemenis verkeren en niet op de zielen in het vagevuur. Zuster Lucia bevestigt het uitdrukkelijk in een brief van 18 mei 1941 aan pater Gonçalves: “Ze hebben het aangepast door het laatste verzoek voor de zielen in het vagevuur te maken, omdat ze beweerden de betekenis van de laatste woorden niet te begrijpen, maar ik geloof dat Onze Lieve Vrouw het had over de zielen die zich in ernstig gevaar van verdoemenis bevinden. Dat was de indruk die ik had, en misschien voelt uwe Eerwaarde hetzelfde na het lezen van wat ik over het geheim heb geschreven, met in gedachten dat ze ons de gebeden heeft geleerd ten tijde van de derde [verschijning in] juli” (Herinneringen, p. 442). Daarom is de formulering: “O mijn Jezus, vergeef ons onze zonden, red ons van het vuur van de hel, verlicht de zielen in het vagevuur, vooral die het meest in de steek zijn gelaten,” zeker onjuist.

[6] Na deze verschijning bestormd met vragen over wat Onze Lieve Vrouw hun had verteld, zeiden de zienertjes dat het een geheim was. “Goed of slecht?” drongen de vragenstellers aan. “Goed voor sommigen, slecht voor anderen,” antwoordden de kinderen (De Marchi, p. 94; Walsh, Engelse ed., p. 84). Voor de laatste verschijning vroeg kanunnik Manuel Nunes Formigão aan Francisco en Jacinta of de “mensen verdrietig zouden zijn als ze het geheim wisten.” Hun antwoord was “Ja, dat zouden ze.” De Marchi, pp. 151-152; Walsh, p. 121. Herinneringen II, p. 138, en III, pp. 218, 220 en IV, pp. 336-342; De Marchi, pp. 90-93; Walsh, pp. 75-77; Ayres da Fonseca, pp. 41-46; Galamba de Oliveira, pp. 72-78 en 146-147